Transfers van clienten met een beenamputatie
Vooral voor oudere mensen kan een enkele of dubbele beenamputatie als gevolg van een ongeval, vaataandoening of infectie problemen opleveren bij de transfers. Krachtsvermindering in het nog aanwezige been, de armen of romp kan er toe leiden dat blijvend ondersteuning nodig is bij transfers. De veranderde gewichtsverdeling is daarbij een extra complicerende factor en kan zowel voor de cliënt als de zorgverlener tot zeer belastende houdingen leiden.
Wat zijn de mogelijkheden?
Als de cliënt over voldoende spierkracht in de armen beschikt, een goede rompbalans heeft en het verstandelijke vermogen om het doel van de transfer te begrijpen, kan er allereerst gewerkt worden met een van de vele soorten glijmaterialen of een glijplank om de cliënt te verplaatsen.
Actieve tillift kan voordelen hebben
Als de cliënt echter onvoldoende kan meewerken, te zwaar is of bijvoorbeeld huidproblemen heeft, moet er gekeken worden naar andere manieren om de transfers uit te voeren. Wanneer de cliënt een goede functie heeft in het overige been, de romp recht kan houden en begrijpt wat het doel is van de transfer, is het gebruik van een actieve verrijdbare tillift niet per definitie uitgesloten. Zeker ook bij het gebruik van een prothese, heeft de actieve tillift de voorkeur boven het gebruiken van een passieve tillift. Zowel voor de cliënt (actiever) als voor de zorgverlener (eenvoudiger met verzorgende handelingen) biedt dat voordelen, uiteraard alleen bij de zit-zit verplaatsingen.
Het gebruik van een passieve tillift
Als een cliënt niet voldoet aan de bovengenoemde criteria kan altijd nog de passieve tillift met een normale tilband worden gebruikt. We moeten dan een onderscheid maken tussen een lage en hoge beenamputatie.
Lage beenamputatie
Bij een lage beenamputatie is er voldoende ruimte om de tilband aan te brengen en de cliënt veilig te verplaatsen. Alle soorten verplaatsingen zijn dan mogelijk. Eventueel kan een tilband met extra coupenaden of een versmalde tilband gebruikt worden.
Hoge beenamputatie
Gebruik bij een hoge beenamputatie aan één of twee benen een zogenaamde ‘amputatietilband’. Deze zijn op het stuitgedeelte dicht, waardoor er geen onveilige situatie kan ontstaan. Het aanbrengen van deze tilband gebeurt op bed. Het is aan te bevelen het deel waarop de stuit rust te polsteren, bijvoorbeeld met een stuk schapenvacht. Zoiets kun je ook doen bij de beenslips. Hiermee kun je huidproblemen voorkomen. Het verwijderen van een ‘amputatietilband’ in de stoel is alleen mogelijk wanneer de cliënt zelf kan meehelpen door zijn gewicht van de ene heup naar de andere heup te verplaatsen. Als dit niet het geval is wordt de tilband vaak in de stoel achtergelaten. Polstering is dan extra belangrijk.
Let op afstelling van het tiljuk
Let bij het gebruik van een passieve tillift voor cliënten met een beenamputatie op de afstelling van het tiljuk. De veranderde gewichtsverdeling kan ervoor zorgen dat de gebruikelijke werking van een vierpunts kantelbaar tiljuk niet meer optimaal is. Een andere afstelling van het tiljuk verhelpt dit probleem.