Agitatie en agressie bij middagonrust
De naam 'sundowning' verwijst naar gedrags- en stemmingsveranderingen die bij mensen met (vaak Alzheimer-)dementie in de late middag voorkomen. De verschijnselen doen aan een delier denken, maar zijn minder extreem. Denk aan: onrust en spanning, stemmingswisselingen, hallucinaties, desoriëntatie en oncorrigeerbare gedachten zoals naar het werk willen of weg moeten om de kinderen op te vangen, loopdrang, aanklampen van personeel en ontremd gedrag zoals vloeken, luid roepen of op een andere manier overreageren zoals ook agressie. Later op de avond of anders de ochtend erop wordt het normale doen hervat. Er is geen specifieke oorzaak hiervoor. Een rol wordt gezien in vermoeidheid en niet optimale lichaamsritmes waardoor de toch al kwetsbare hersenen tijdelijk van slag raken. Helemaal onschuldig is sundowning niet, want er is bij onderzoek verband gevonden met snellere psychische achteruitgang. Bovendien geeft het meer risico op vallen en andere incidenten en is het voor alle betrokkenen belastend.
Wat te doen? Evenals bij een delier is het goed om te (laten) controleren of het lichamelijk functioneren in orde is. Controle op medicijnen en bijwerkingen is nodig. Dit geldt ook voor het gebruik van suiker en coffeïne: matigen is het devies.
Op afdelingen waar sundowning veel voorkwam, werd overgeschakeld op coffeïnevrije koffie; niet daarover geïnformeerde bezoekers bleken bij hun bakkie troost het verschil overigens niet op te merken. Rust is een aandachtspunt, het probleem kan worden versterkt door zowel vermoeidheid als het ontbreken van gerichte afleiding. Is het slapen 's nachts goed, of heeft dit gerichte aandacht nodig? Je kunt bezien of vóór de late middag op een of andere manier rust kan worden geboden. Lukt dit niet in bed, dan misschien in een luie stoel. Vaak begrijpt of wil de cliënt dit aanvankelijk niet, maar er kan worden geprobeerd een patroon in te slijpen: één poging is géén poging, enkele minuten blijven liggen zonder te slapen is misschien een goed begin voor de eerste week. Om daarna de rust steeds vriendelijk te blijven aanbieden, zonder op te dringen. Ander aandachtspunt is te bezien hoe de persoon overdag meer 'gespaard' kan worden. Een moeizame ochtendverzorging met veel stress, kan met andere energievreters (ongewenst geluid, drukte overdag) ervoor zorgen dat de mentale accu 's middags leeg is. Welke prikkels komen de dag door op de persoon af: van radio en tv, langslopende mensen? Hoe is dat te verminderen? Het afscheid van personeel en de dienstwisseling kan ook een aanjager zijn van onrust, vooral als dat openlijk gebeurt. Ook andere klussen zoals stofzuigen, of werkzaamheden die maken dat je niet bij de bewoners kunt zijn werken nadelig uit. Het is ongelukkig dat juist wanneer de bewoners in het verpleeghuis het meest kwetsbaar zijn (zo rond 15.00 uur), er ook een wisseling van diensten is en er verder weinig activiteiten ter afleiding zijn. Daar bovenop komen binnenkomende en vertrekkende familieleden. Soms kan de onrust worden voorkómen of beperkt met een intensieve eenvoudige activiteit. Gebrek aan licht speelt in de middagonrust waarschijnlijk ook mee. Naast goede verlichting overdag kan in de ochtend worden geprobeerd een lichtbad te geven met de bright light, een lichtpaneel. Vaak wordt gepoogd om de onrust te bestrijden met een antipsychoticum, waarbij nut en bijwerkingen (sufheid, motorische problemen) moeten worden afgewogen. Voor de begeleiding is een kalmerende, geruststellende insteek van belang. Waarbij je niet vraagt naar redenen of verklaringen, en evenmin confronteert met diens fouten of welles-nietes discussies voert. De begeleiding blijft erop gericht dat te doen en te zeggen wat geruststelt, al is het voor even en werkt het een beetje. Ook als dit door het geheugenverlies almaar moet worden herhaald, houd je de stress mogelijk in de perken. Deze aanpak is vaak ook van toepassing als de begeleider wordt gevolgd als een schaduw. Aan de vaak onderliggende angst kan tegemoet worden gekomen door de nabijheid te dulden, aanhoudend verbaal en fysiek gerust te stellen en/of iets om handen te geven.