Gebruik elektrische hulpmiddelen bij het transport
Het transporteren van karren en bedden is in zorginstellingen aan de orde van de dag. De Praktijkrichtlijn voor duwen en trekken is: niet meer dan 25 kilo met twee handen (maximaal vijftien kilo per hand). Wanneer de kracht vooral uit je vingers komt, is vijf kilo het maximum. Om veilig en gezond te manoeuvreren zul je dus vaak een elektrisch hulpmiddel moeten gebruiken.
Karren maar met de kikker, elektrokar of elektrotrekker
Met de Praktijkrichtlijn (in kilo’s!) is in de praktijk nog niet zo eenvoudig te werken. Om te controleren of je al manoeuvrerend voldoet aan de richtlijn zijn daarom de KarVragen ontwikkeld. Als je de zes KarVragen met ‘ja’ kan beantwoorden voldoe je aan de Praktijkrichtlijnen voor manoeuvreren.
Kikker of elektrokar
Wanneer het vervoer van één kar voldoet aan de KarVragen, wil dat nog niet zeggen dat het vervoer van twee van zulke karren tegelijk ook gezond is. Het transporteren van twee of meer karren is lastiger en zwaarder. Bovendien bestaat de kans dat je niet aan de Praktijkrichtlijn voor duwen, trekken en manoeuvreren voldoet. Manoeuvreren valt in deze gevallen niet mee en de kans op fysieke overbelasting van armen, schouders en rug is groot, omdat je ze in de uiterste stand beweegt. Maak bij het vervoeren van meer dan één kar daarom altijd gebruik van elektrische hulpmiddelen zoals de kikker. Vijf karren tegelijk meenemen is dan geen bezwaar als ze maar goed geschakeld zijn. Zorg er dan wel voor dat de verschillende karren een universele schakelwijze hebben. Zo kan een bonte polonaise van karren achter een elektrokar prima zijn weg vinden.
Training noodzakelijk
Voor het afleggen van grote afstanden is het raadzaam een elektrotrekker waar je op kunt zitten te gebruiken. Voor het werk buiten is er een met een overkapping. Zo ben je minder vatbaar voor de gevolgen van regen en wind. Bij het gebruiken van elektrische hulpmiddelen speelt veiligheid een voorname rol. Zorg ervoor dat medewerkers over voldoende kennis en vaardigheden beschikken voordat ze ermee aan de slag gaan. Een praktische training is daarom een absolute aanrader.
Wat is er zoal?
Zorginstellingen beschikken in veel gevallen over verschillende transportmiddelen. Maak een overzicht van wat er is en spreek af wanneer je welk middel het beste kunt inzetten en waar je ze neer zet als ze niet gebruikt worden. Zo ben je goed voorbereid op alle voorkomende situaties.