Busje komt zo (vervolg)
In een andere tip gaven we al aan dat het in- en uitrijden van een rolstoel in een rolstoelbusje te zwaar is om manueel te doen. Er zou met een hydraulisch hefplatform gewerkt moeten worden.
Wanneer we uitgaan van de KarVragen die onder andere aangeven dat je over gladde en horizontale vloeren moet rijden, is dat dus inderdaad het geval. Er is inmiddels nader onderzoek gedaan naar het in- en uitrijden van rolstoelen in busjes*. We gaan hier in deze tip op in.
In het onderzoek zijn duwkrachten gemeten bij in de bus rijden van een rolstoel. Dat is gedaan bij verschillende rolstoelen, verschillende uitgangspositie van de wielen en verschillende gewichten van de cliënt. De hellingbaan had een hoek van 13 centimeter hoogte per 50 centimeter.
Allereerst blijkt dan dat we de conclusie uit de vorige ‘Busje komt zo tip’ moeten handhaven. Bij het inrijden van de bus zijn de benodigde krachten namelijk fors tot zeer fors te noemen. Het gaat dan om krachten van meer dan 400 N, terwijl de gezondheidkundige grenswaarde die de basis van de Praktijkrichtlijn vormt, op 200 N ligt.
Deze overbelasting doet zich met name voor bij de rug en de nek/schouder regio, maar ook bij de armen en polsen. Dat laatste komt vooral doordat de meeste handvatten ergonomisch niet geschikt zijn om te duwen. Ze zijn in de rijrichting geplaatst, terwijl ze eigenlijk dwars moeten staan (als een duwstang).
Deze overschrijding van de 200 N grens doet zich heel duidelijk voor wanneer er een klein aanzetstukje aan het begin van hellingbaan aanwezig is, de banden niet goed zijn opgepompt of dwars staan of wanneer het gewicht van de cliënt en de rolstoel toeneemt. Grote pieken (meer dan 450 N) doen zich voor wanneer er explosieve krachten geleverd worden (als de beweging niet geleidelijk in gang wordt gezet) of wanneer de rolstoel na een stop weer op gang geduwd moet worden.
Het in- en uitrijden van rolstoelen in een busje via een hellingbaan is dus inderdaad te zwaar en zou met een hydraulisch platvorm gedaan moeten worden. Maar ook dan nog zijn er valkuilen. Bijvoorbeeld wanneer de wielen niet in de rijrichting staan, schieten de benodigde krachten bij het oprijden van het horizontale laadplateau al snel in de richting van de 200 N.
Met een kleine slingerbeweging kunnen de wielen echter wel weer recht gezet worden en kan er conform de Praktijkrichtlijnen gemanoeuvreerd worden. Ook wanneer de vloer niet helemaal vlak is en het laadplateau niet mooi vlak op de ondergrond kan rusten nemen de krachten snel toe, maar ook dat is met een rustige beweging goed op te lossen.
Op basis van dit onderzoek naar de fysieke belasting tijdens rolstoeltransport kunnen de volgende aandachtspunten worden geformuleerd:
• Maak bij het in- en uitrijden van rolstoelen in een busje altijd gebruik van een hydraulisch hefplateau.
• Beperk zo veel mogelijk het ´aanzetstukje´ van het horizontale hefplateau.
• Zorg er voor dat de banden van de rolstoel goed zijn opgepompt.
• Zorg er voor dat de wielen van de rolstoel recht staan bij de start van de beweging.
• Zorg er voor dat het horizontale hefplateau mooi vlak op de vloer rust.
• Duw de rolstoel zonder explosieve bewegingen op de horizontale laadvloer. Denk daarbij aan de 3 seconden regel: neem altijd drie seconden de tijd om het object rustig in beweging te zetten.
• Gebruik bij voorkeur brede handvatten die dwars staan op de rijrichting (in plaats van in de rijrichting), waarbij je de polsen de pols in een neutrale stand houden.
Voor meer informatie over dit onderzoek neemt u contact op met KBOH te Woerden (0348 436700)
* Knibbe JJ, Knibbe NE. Fysieke belasting tijdens rolstoeltransport. KBOH / LOCOmotion, Woerden/Bennekom, 2003.