Begrens duidelijk bij ongewenste intimiteiten
Sommige zedendelinquenten voeren hun avances zo geleidelijk op en versluieren ze zo handig, dat het voor de zorgverlener moeilijk wordt een grens te trekken. En als ze een streep trekt, schuiven ze de ontstane situatie in de schoenen van de zorgverlener. 'waarom doe je nu zo bits? Jij wilde dit toch ook? Je hebt me voor de gek gehouden.' Ze zijn er expert in, om je het gevoel te geven dat jij fout zat. En als je de situatie zo gênant vindt dat je met rood hoofd zwijgt bij hun avances, wordt dit in de lijn van de eigen behoeftes uitgelegd: 'Ik doe haar wel iets, ze is gewoon verlegen.' 'Ze zegt nee, maar bedoelt eigenlijk ja.'
Bij grensoverschrijdend gedrag is het zaak duidelijk je grens stellen, en daaraan vast te houden. Vanuit een 'ik-boodschap' heel concreet te benoemen wat hij doet, en eisen om hier direct mee te stoppen. 'Ik wil niet dat u aan mijn been zit, haal uw hand daar weg.' Je kijkt de ander daarbij in de ogen. Je kunt natuurlijk ook zelf zijn hand daar weghalen. Als de ander je niet serieus neemt (en bijvoorbeeld in herhaling valt) reageer je nadrukkelijker en meer pertinent, helpt dat niet dan onderbreek je het contact en ga je weg. Je kunt ook na het incident kort zeggen dat je dit gedrag niet accepteert en aangeven wat je verwacht ('Ik wil niet dat u mij …, maar wil wel dat u nu …'). Je mag, nee moet altijd nee zeggen als je iets niet wilt, óók als je dat eerder hebt toegelaten. Dit geldt ook voor dubbelzinnige grappen of ander gedrag. Blijkt de cliënt onverbeterlijk, dan kan de vervolgstap een waarschuwing van de teamleider of een behandelaar zijn. Wat hierin zinvol en haalbaar is, hangt natuurlijk ook af van de mate van het psychisch functioneren van de persoon. Dit wordt al doende duidelijk. Ook kan psychologisch onderzoek helderheid geven over toerekeningsvatbaarheid.
Lang doormopperen heeft meestal geen zin. Heftige emotionele reacties bij ongewenste opmerkingen of betasten kunnen voor de dader belonend uitwerken, er gebeurt immers iets en door de dader wordt boosheid soms geassocieerd of verward met opgewondenheid. De onverbeterlijke 'toetasters' willen het dan weer goedmaken, maar misbruiken dit dan ook weer als vertrekpunt voor nieuwe versierpogingen. Blijf dus op je tellen passen.